De burgemeesters van Amsterdam
Van de eerste vrouwelijke burgemeester terug naar de regenten van de Gouden Eeuw: wie bestuurde de stad, en wat gebeurde er in hun tijd?
Nu burgemeesterFemke HalsemaSinds 2018 · De eerste vrouw op de burgemeestersstoel van Amsterdam, en de eerste van GroenLinks.
De stad van nu
Van de Damslapers en de Nieuwmarktrellen via de kroningsdag van 1980 en de Bijlmerramp tot het eerste homohuwelijk ter wereld.
-
2018tot nu
Femke HalsemaGroenLinks De eerste vrouw op de burgemeestersstoel van Amsterdam, en de eerste van GroenLinks.
-
2017tot 2018
Jozias van AartsenVVDwaarnemend De oud-minister en Haagse burgemeester die Amsterdam zeven maanden bestuurde na de dood van Van der Laan.
2 verhalen
-
2010tot 2017
Eberhard van der LaanPvdA Zijn afscheidsbrief eindigde met: 'Zorg goed voor onze stad en voor elkaar.' Die woorden staan nu op een muur in West.
2 verhalen
-
2010
Lodewijk AsscherPvdAwaarnemend Een Amsterdamse wethouder die onverwacht vier maanden de burgemeestersketen droeg.
-
2001tot 2010
Job CohenPvdA Hij sloot 's werelds eerste homohuwelijken en wilde vooral één ding: de boel bij elkaar houden.
-
1994tot 2001
Schelto PatijnPvdA Een Haagse regent die Amsterdammers voor zich won en de stad liet stralen als gastheer van Europa.
-
1983tot 1994
Ed van ThijnPvdA Als Joods kind overleefde hij achttien onderduikadressen; als burgemeester leidde hij de stad door de Bijlmerramp.
2 verhalen
-
1977tot 1983
Wim PolakPvdA De Amsterdamse journalist die burgemeester werd toen de metro ging rijden en de stad op kroningsdag in brand stond.
1 verhaal
-
1967tot 1977
Ivo SamkaldenPvdA De jurist die burgemeester werd in de wildste jaren van de stad: hippies op de Dam, het Maagdenhuis en de metrorellen.
3 verhalen
Na de oorlog
Een stad die moest herstellen van de bezetting, de Westelijke Tuinsteden bouwde en in de jaren zestig botste met een nieuwe generatie.
-
1957tot 1967
Gijs van HallPvdA Verzetsbankier, bouwer van de IJtunnel en de eerste Amsterdamse burgemeester die door de regering werd ontslagen.
1 verhaal
-
1946tot 1956
Arnold Jan d'AillyPvdA 'De vliegende burgemeester' bouwde aan de wederopbouw van Amsterdam en reisde de halve wereld over voor de stad.
-
1945tot 1946
Feike de Boerwaarnemend Een Friese zeeman en reder die Amsterdam na de bevrijding tien maanden bestuurde, zonder enige dikdoenerij.
Oorlog en crisis
Plan Zuid, de Olympische Spelen van 1928, de crisisjaren en de Duitse bezetting.
-
1941tot 1945
Edward Voûte De pro-Duitse burgemeester die de bezetter na de Februaristaking aanstelde en die na de oorlog werd veroordeeld.
-
1921tot 1941
Willem de VlugtARP Twintig jaar 'Vader Willem': van de Olympische Spelen tot zijn ontslag door de Duitsers na de Februaristaking.
-
1915tot 1921
Jan Willem TellegenVDB De ingenieur die Amsterdam mooie arbeiderswoningen gaf en de stad door de hongerjaren van de Eerste Wereldoorlog loodste.
1 verhaal
De negentiende eeuw
Na de Franse tijd krijgt Amsterdam weer één burgemeester. De stad groeit uit tot een moderne metropool, met het Noordzeekanaal en nieuwe wijken buiten de Singelgracht.
-
1910tot 1915
Antonie Röellliberaal Hij bestuurde drie steden en daarna 25 jaar lang heel Noord-Holland, tot zijn dood in het eerste oorlogsjaar.
-
1901tot 1910
Wilhelmus Frederik van Leeuwenliberaal De wethouder van de gemeentebedrijven die burgemeester werd en later het stadsbestuur 'uiterst gebrekkig' noemde.
-
1891tot 1901
Sjoerd Vening Meineszliberaal Eerst burgemeester van Rotterdam, toen van Amsterdam: hij zag de stad in 1896 flink groeien.
-
1880tot 1891
Gijsbert van Tienhovenliberaal De burgemeester van het Rijksmuseum, het Concertgebouw en Centraal Station, en van het bloedige Palingoproer.
- 1868tot 1880 Cornelis den Texliberaal Onder hem kreeg Amsterdam eindelijk zijn eigen weg naar zee: het Noordzeekanaal.
-
1866tot 1868
Cornelis Fockliberaal Al vier keer burgemeester voor zijn veertigste, en later de minister die Nederland de meter en de kilogram gaf.
-
1858tot 1866
Jan Messchert van Vollenhovenconservatief Een brouwerszoon op het stadhuis, in de jaren dat het Paleis voor Volksvlijt verrees.
1 verhaal
-
1855tot 1858
Cornelis Bootliberaal De populaire burgemeester die het Paleis voor Volksvlijt steunde en Amsterdam aan het Europese spoor zag komen.
- 1854 Johannes van Iddekingewaarnemend Het jaar dat Amsterdam geen benoemde burgemeester had: 1854.
-
1853
Hendrik Provó Kluitliberaal De politiechef die agenten een uniform gaf en daarna zeven maanden burgemeester was.
-
1850tot 1853
Gerlach van Reenenconservatief Op zijn 31e burgemeester, later Kamervoorzitter en bijna 'onderkoning' van Nederland.
-
1842tot 1849
Pieter Huidekoper Een oud-zeekapitein op het stadhuis die de eerste aanzet gaf tot het Noordzeekanaal.
-
1836tot 1842
Willem Daniël Cramer Een rechter op het stadhuis, geroemd om zijn zachtaardigheid, en schoonvader van een latere burgemeester.
-
1829tot 1836
Frederik van de Poll De burgemeester die opstapte omdat hij kritiek op een belastingambtenaar persoonlijk opvatte.
- 1824tot 1828 David Willem Elias Een regent uit de oude Republiek die in 1813 hielp de Fransen rustig de stad uit te krijgen en als burgemeester in functie stierf.
De Bataafse en Franse tijd
Op 18 januari 1795 namen revolutionairen met Franse steun de macht in Amsterdam over; de oude regenten werden afgezet en op de Dam verrees een vrijheidsboom. In 1808 maakte koning Lodewijk Napoleon van het stadhuis zijn paleis, en van 1811 tot 1813 bestuurde een Franse maire de stad. Vanaf 1824 kreeg Amsterdam één burgemeester.
Carel Wouter Visscher1795-1802Op 19 januari 1795 kwam hij vrij uit het Amsterdamse werkhuis; kort daarna stond hij aan het hoofd van de stad.
De regenten
Na de Alteratie van 26 mei 1578, toen het katholieke stadsbestuur zonder bloedvergieten werd afgezet, bestuurde een kleine groep protestantse regenten Amsterdam. Zij zaten voor het leven in de vroedschap en kozen elkaar opnieuw. Tot 1795 had de stad geen één burgemeester, maar vier tegelijk.
Nicolaes Witsendertien keer tussen 1682 en 1706Hij tekende de eerste kaart van Siberië en regelde voor tsaar Peter de Grote een stage op de VOC-werf.
Johannes Huddemeerdere keren tussen 1672 en 1703De wiskundige burgemeester legde met zijn peilstenen de basis voor het NAP, dat nu in heel Europa wordt gebruikt.
Joan Huydecoper van Maarsseveendertien keer tussen 1673 en 1693De burgemeester met het dagboek richtte de Hortus mee op en vreesde ooit voor zijn leven aan tafel met tsaar Peter.
Jan Six1691Rembrandts vriend en model werd pas op zijn 73ste burgemeester van Amsterdam.
Coenraad van Beuningenzes keer tussen 1669 en 1684De briljante diplomaat verloor in 1688 een fortuin en kalkte daarna geheimzinnige tekens op zijn huis aan de Amstel.
Nicolaes Tulpvier keer tussen 1654 en 1671De arts van Rembrandts Anatomische les noemde zichzelf naar een tulp en werd vier keer burgemeester.
Cornelis de Graeffmeerdere keren tussen 1643 en 1664De machtigste regent van zijn tijd zette het nieuwe stadhuis op de Dam in gang, het huidige Paleis.
Frans Banninck Cocqvier keer tussen 1650 en 1654De kapitein in het midden van De Nachtwacht werd later vier keer burgemeester van Amsterdam.
Andries Bickertien keer tussen 1627 en 1649In 1650 liet hij de schutterij de stad verdedigen tegen stadhouder Willem II, en verloor daarna zijn ambt.
Reynier Pauwacht keer tussen 1605 en 1620In zijn huis aan de Warmoesstraat begon waarschijnlijk de Compagnie van Verre, voorloper van de VOC.
Cornelis Pieterszoon Hoofttwaalf keer tussen 1588 en 1610De koppige vader van dichter P.C. Hooft was twaalf keer burgemeester en waarschuwde steeds tegen religieuze drijverij.