Carel Wouter Visscher
Op 19 januari 1795 kwam hij vrij uit het Amsterdamse werkhuis; kort daarna stond hij aan het hoofd van de stad.
Carel Wouter Visscher werd in 1734 in Amsterdam geboren als zoon van dominee Joannes Visscher en Ida Hillegonda Valckenier. Als jonge jurist maakte hij naam met een verhandeling over de wettige afzwering van Filips II, het moment in 1581 waarop de Nederlanden de Spaanse koning afzwoeren. Hij werd advocaat in Amsterdam en daarna pensionaris, de juridisch adviseur van de stad.
Patriot
Visscher hoorde bij de patriotten, de beweging die in de jaren 1780 de macht van stadhouder Willem V wilde beperken. De gewone patriotten vertrouwden hem. Na de omwenteling van 1787, toen Pruisische troepen de stadhouder weer in het zadel hielpen, werd hij uit al zijn ambten gezet.
Hij leefde daarna stil, tot 1794. In dat jaar leidde hij een delegatie van veel burgers die een verzoekschrift over de toestand van het land aanboden. Hij werd gearresteerd, tot zes jaar gevangenis veroordeeld en naar het werkhuis in Amsterdam gebracht.
De omwenteling van 1795
Lang zat hij er niet. In januari 1795 trokken Franse troepen de Republiek binnen. Op 18 januari nam een revolutionair comité de macht in Amsterdam over en vluchtte stadhouder Willem V het land uit. De oude raadsleden werden afgezet en een voorlopig bestuur van 22 leden nam het over. Op de Dam werd een vrijheidsboom opgericht. Op 19 januari kwamen de eerste Franse soldaten de stad binnen, en op diezelfde dag werd Visscher vrijgelaten.
Hij kreeg meteen een leidende rol: hij werd aan het hoofd van de Amsterdamse politie geplaatst als maire. Het Rijksmuseum, dat een prent van hem bezit, noemt hem maire van Amsterdam van 1795 tot zijn dood in 1802. Daarmee was hij een van de eerste bestuurders van Amsterdam na meer dan twee eeuwen van vier regerende burgemeesters. Hij was getrouwd met Anna Anthonia van Muiden.
- 01Hij schreef als jonge jurist over de afzwering van Filips II.
- 02Na 1787 werd hij als patriot uit al zijn ambten gezet.
- 03In 1794 werd hij tot zes jaar gevangenis veroordeeld.
- 04Hij kwam op 19 januari 1795 vrij, de dag dat de Franse troepen Amsterdam binnenkwamen.