Baanders
benen
benen
kale man
waardeloos, 'zwaar kut'
ruzie maken zonder fysiek geweld, bekvechten
gezicht, mond, smoel
kopje koffie
kopje koffie
kopje koffie
kopje koffie
flink de pest in hebben
iemand die geen klap uitvoert, een nietsnut (maar dit is een typisch Utrechts woord)
geld (ik heb er 100 ballen voor over)
boterham
wandelen, slenteren
100 gulden/ euro
hard werken
politiebureau
kletsen, zwammen (lijkt op wauwelen maar dat is meer 'vervelend' praten)
in het geniep iets voorbereiden, geheime plannetjes (zelfde als bekokstoven)
rechters en advocaten
aan kunnen
buurt
tien cent, dubbeltje
magertjes ergens van af komen, slecht bedeeld
verwaand, 'met de neus in de lucht'
praten ("dat bekt lekker")
een grimas opzetten
bezuinigen
in het geniep iets voorbereiden, geheime plannetjes (zelfde als bedisselen)
erg slecht, bedroevend
bedonderd, gek (ben je helemaal belatafeld)
opgelicht, afgezet
lopen
aangeschoten (dus niet compleet dronken, dan ben je lam)
kreng, vrouw met opvliegend karakter, viswijf
'zo'n' type uit de Jordaan
kletsen (net als ouwenelen)
kroket
de tram naar de Beethovenstraat (Amsterdam Zuid)
oude vrouw ('ouwe bes' werd wel eens sarrend gezegd om extra te benadrukken dat iemand oud was)
heel hard lachen, 'zich bescheuren'
beetnemen, bedriegen
iemand die allerlei ziektes onder de leden heeft, wordt ook als scheldwoord gebruikt
bedonderen
betalen
koopje
beslommeringen, bezigheden maar vaak wel met een negatieve lading
runnen, bedrijven, een zaak (winkel of horeca) 'lopende' houden
goedkoop
na een paar biertjes ziet alles er mooier uit
onbegonnen werk
bullebak, zeer onaangename vent
verkeerd aflopen, als iets niet gaat zoals het zou moeten gaan ('de bietenbrug op')
bedelen, op andermans zak teren
schooier, klaploper
zwart baantje naast een uitkering of andere inkomsten
iemand die het achter zijn ellenbogen heeft, die bijdehand doet
iemand die denkt dat hij bijdehand is maar het niet is
tanden
harde jongen (meestal vanwege het werk of als oorlogsveteraan)
hard werken
eten
souteneur
eten
iemand die zijn centen laat rollen
smerige bitterballen (ranzige bittergarnituur)
rotzooi (komt uit het Engels van Black Varnish)
het koud hebben
laat maar zitten, praat er maar niet over
kogel
plank (markttaal)
onderzetter (voor pannen)
gebakken lucht
politieagent
klaploper
ik geloof het pas als ik het zie
dubbel liggen om een grap
iemand die enorme woede oproept
onnozel kind (meisje, zelfde als wiggie)
een patser met veel bombarie en uiterlijk vertoon
geld is op, platzak
alles van buiten Amsterdam
schort
nep, fake, onzin, namaak
strontkar (genoemd naar het wereldberoemde luchtje, in werkelijkheid was de strontkar de voorloper van het riool)
kroegbaas
veel drukte om niks maken, 'daar heb je Arie Bombarie'
geld, 'in de bonis zitten' = goed bij kas zitten
ruzie
schoenen met een zachte (suède) bovenlaag en een spekzool, je hoort de drager niet aankomen
drol
druktemaker, opschepper, bluffer
broek
papiergeld
winderigheid (scheten laten)
zegen
bik
zitten (in de gevangenis, 'hij moet zeven maanden brommen')
iemand die veel praat ('hou die broodmolen eens')
nozem op een brommer
hard werken
brommer, bromfiets
sleutel die niet past of doelend op een slot waar je de sleutel niet van kent (inbrekersjargon)
recherche, politie in burger
overtreffende trap van 'trut'