Aaipot Grof
ook: ipodAalmoes
- karige bijdrage (negatief bedoeld)
- liefdadigheid (positief bedoeld)
Aap
- aan de beurt zijn (hij is het 'apie')
- gefopt (in de aap gelogeerd)
Aapjeslijn
tramlijn die naar Artis rijdt, vroeger lijn 15, tegenwoordig 9 en 14
Abraham
man die 50 wordt
Achterwiel
een rijksdaalder (2,50)
Afdingen
proberen wat van de prijs af te krijgen (zelfde als pingelen, afpingelen)
Afgebrand
platzak
Afgelikte boterham Grof
Afkomen
betalen, leveren
Afleggen
iemand in de gaten houden, bespioneren
Afmaken
- na hevige voorseks de klus klaren ('zakelijke' seks, geen liefde)
- omleggen, vermoorden
- de verkering uitmaken
Afmatten
iemand keihard laten werken
Afnokken
weggaan, niet hetzelfde als nokken
Afpeigeren
uitputten, iemand afbeulen
Afpingelen
afdingen, iets van de prijs afhalen
Afsmijter
iemand die voor overlast zorgt voor je deur wegsturen
Afstruinen
koopjesjacht of lang doorzoeken naar iets (zelfde als struinen)
Aftaaien
weggaan, naar huis gaan
Aftroggelen
op slinkse wijze iets van iemand afnemen
Afzakken
langzaamaan naar huis gaan
Afzakkertje
laatste borreltje voor het slapen of naar huis gaan
Afzeiken
iemand voor schut zetten, afbranden
Aggenebbis
ook: aggenebbish, achenebbisjwaardeloos, slechte kwaliteit
Akkefietje
klein conflict, probleempje
Allergaartje
van alles wat
Ammehoela
je kan de pot op, 'dat gebeurt niet'
Amsterdam eo
ook: Mokum eoAmsterdam en de rest van Nederland
Amsterdammertje
- paaltjes in Amsterdam (die aan het verdwijnen zijn)
- laatste beetje in een fles (gratis halve borrel)
- vaasje bier zonder goud randje, anders is het een Rotterdammertje
Apegapen
uitgeput zijn
Apegatje
koosnaampje voor een geliefd kind
Appeltje-eitje
makkie
Appies
aardappelen
Armetierig
- armoedig, beroerd (van dingen)
- zielig, sjofel, armelijk (van mensen)
Asbak Grof
Asen
loeren, je kans afwachten en dan toeslaan (zelfde als spinsen)
Asjeweine
- kapot
- weg
- dood
Askelen
handelen
Askenen
stelen
Attenoje
ook: attelenojemijn god!, krijg nou wat! (uitspreken als vorm van verbazing)